Ik schijn verslaafd te zijn aan Facebook. Ik verslaafd? “Ja
Lot, je bent verslaafd aan Facebook”. Als een bom sloeg die uitspraak op me in. Ik voelde me als een trommelvlies dat klapt bij het horen van té schelle hardcore. Als een kwetsbaar, jong meisje die ‘s nachts bezweet en vol met tranen wakker schrikt van een enge droom. Met mijn hart kloppend tegen mijn gehemelte kreeg ik het steeds warmer. Ha..Verslaafd. Natuurlijk ben ik niet verslaafd.
En zo ben ik nu precies één week, drie dagen, zes uur en tweeënvijftig minuten aan het afkicken en heb ik nog drie volle dagen te gaan. Twee weken.
Appeltje eitje zou je denken. En inderdaad, dat zóú je denken. Met trillende
handen probeer ik dit bericht te typen. Met stokkende oogbewegingen probeer ik
mijn zicht op mijn opengestelde Word-document te houden. Naast dit document
staat een tabblad bij Google Chrome geopend op Facebook. De weerhouding om niet
om de vijf minuten een kijkje te nemen heb ik al niet meer in de hand. Daar zit
ik dan. Met stoom uit mijn oren probeer ik de drang om te kijken toch te onderhouden
met mijn wil. Mijn wil om zonder te kunnen. Om te bewijzen dat ik zonder kan. Te
bewijzen dat ik heus niet openbaar wil laten weten dat ik trots ben op mijn
klasgenootje die gisteren haar toets behaald heeft. Te bewijzen dat ik het niet
leuk vind dat een oude vriend vanochtend languit op zijn bek is gegaan toen hij
een poging deed om door de restjes nog niet ontdooide sneeuw te fietsen. Te
bewijzen dat ik niet wil dat iedereen weet dat ik zojuist weer een
overheerlijke lading cupcakes in de oven heb staan. Te bewijzen dat mijn leven
nog altijd net zo leuk is, ook wanneer niet iedereen weet wat ik doe en wanneer ik
lach. Om te bewijzen dat ik niet verslaafd ben.
Verslaafd zijn, wat is dat eigenlijk? De online encyclopedie
heeft me zojuist laten weten dat dit niet meer of minder dan een geestelijke of
lichamelijke aanhankelijkheid is. Een hunkering naar een middel. Het ergens
niet meer zonder kunnen. Ik kan stellen dat dit bij mij iets geestelijks is en
als ik het goed begrijp, zit het dus tussen mijn oren. Het is dus te verhelpen.
En terwijl ik wat zweetdruppels van mijn voorhoofd afveeg, ga ik na wat ik de afgelopen
dagen voor afkickverschijnselen ben tegengekomen. Van mijn voorhoofd afdruppelend zweet. Dat is het eerste. Daarnaast
zijn mijn nagels in de afgelopen tijd enkele millimeters korter geworden, omdat
ik mezelf ervan moest weerhouden iets te posten. Mijn twittergehalte is met 74% gestegen, want ja, ik moet toch ergens mijn rotzooi dumpen. Tot slot heb ik naast zweethandjes ook last van bibberhandjes. En
dan bedoel ik niet dat ik hier letterlijk met trillende handen zit. Maar ik
voel wel een bepaalde drang. Een drang waarbij het heel verleidelijk is om met
de muis van mijn computer op de like-button te gaan staan en vervolgens met mijn
wijsvinger het linker muisknopje in te drukken. En die drang is het
verschrikkelijkste verschijnsel dat ik de afgelopen dagen heb moeten voelen. Het
geeft een naar gevoel in mijn buik. Soms zelfs kleine steken. Het gevoel dat er
iets gaat gebeuren. Een soort zenuwachtigheid.
De vraag is nu natuurlijk: Waar komt die drang vandaan?
Waarom wil ik zo graag alles bijhouden? Overal ‘bij zijn’? Ik denk dat dit
angst is. Angst om iets te missen. Angst om niet gezien te worden. Dat klinkt
opzich best zielig. Misschien zelfs triest. Maar soms heb ik een bepaalde drang
om mezelf te moeten bewijzen. Bewijzen wie ik ben. Bewijzen wat ik kan.
Bewijzen wat ik doe. Bewijzen wat ik wil. Kijk bijvoorbeeld naar deze poging
tot Facebook-afkicking. Dit is puur het bewijzen dat ik iets kan. Het bewijzen
dat ik zonder Facebook ook doorleef. En door al die dingen steeds te bewijzen, zoek ik bevestiging. Bevestiging om te weten hoe ik het doe. Waar ik sta. En zelfs of ik wel goed leef.
Of het puur een verslaving aan Facebook is, vraag ik me dus
af. Een verslaving aan het bewijzen van mezelf kan ik daarbij echter niet
ontkennen. De behoefte om alsmaar die bevestiging te krijgen van mijn vrienden. Facebook is daarbij puur een middel. Dus ondanks dat de twee volle Facebookloze weken nog niet om zijn,
weet ik dat dit me echt wel gaat lukken. En naast het feit dat ik over drie dagen dus kan
zeggen dat ik niet verslaafd aan Facebook ben, heb ik er nog een andere
boodschap bij gekregen. Want ook zonder mijn ‘like’, weet mijn klasgenootje dat
ik trots op haar ben. Ook zonder mijn reactie weet die oude vriend dat ik
stiekem toch wel lach. En ook zonder mijn aankondiging aan jullie dat ik een
heerlijke, zelfgemaakte cupcake naar binnen aan het werken ben, smaakt die
cupcake nog even heerlijk en zelfgemaakt. Kortom, ook zonder Facebook is mijn leven
leuk. Ook zonder Facebook lach ik. Dus wat zou ik nog moeten bewijzen? Waar heb ik bevestiging voor nodig? Want al die zogenaamde afkickverschijnseltjes, heb ik toch wel mooi kunnen verslaan. Ik heb gedaan wat ik wilde. Ik heb genoten. Genoten van de momenten waar ik bij was. Genoten van de mensen die
ik om mij heen had. Genoten van het hier en van het nu. Genoten van mijn leven.
Of dit minder leuk was dan wanneer ik bevestiging zou krijgen van mijn Facebookvrienden? Nee. Het was juist leuker. Ik deed gewoon wat ík wilde. En of een ander dat nou wel of niet leuk had gevonden, dat verandert mijn beleving niet. Of ik jullie nu voor altijd ga weerhouden van mijn gebeurtenissen? Nee. Over drie dagen ben ik weer online. Over drie dagen Facebook ik weer zonder belemmering. Maar dit zal wel anders zijn. Ik zal het niet doen om mezelf te bewijzen. Ook niet om per se mee te willen maken. Om bij te willen zijn. Nee. Niet omdat ik jullie bevestiging nodig heb. Ik doe het om te delen. Om te laten ervaren. En zelfs om te vermaken. Want samen lach je immers harder dan alleen. Ha..Verslaafd. Natuurlijk ben ik niet verslaafd.
Of dit minder leuk was dan wanneer ik bevestiging zou krijgen van mijn Facebookvrienden? Nee. Het was juist leuker. Ik deed gewoon wat ík wilde. En of een ander dat nou wel of niet leuk had gevonden, dat verandert mijn beleving niet. Of ik jullie nu voor altijd ga weerhouden van mijn gebeurtenissen? Nee. Over drie dagen ben ik weer online. Over drie dagen Facebook ik weer zonder belemmering. Maar dit zal wel anders zijn. Ik zal het niet doen om mezelf te bewijzen. Ook niet om per se mee te willen maken. Om bij te willen zijn. Nee. Niet omdat ik jullie bevestiging nodig heb. Ik doe het om te delen. Om te laten ervaren. En zelfs om te vermaken. Want samen lach je immers harder dan alleen. Ha..Verslaafd. Natuurlijk ben ik niet verslaafd.
grandioos!
BeantwoordenVerwijderenWel fijn mam, dat je dit bericht via mijn account stuurt wuahah
BeantwoordenVerwijderenMaak je geen zorgen. Wereldwijd zijn meer dan 350 miljoen (!) mensen verslaafd aan Facebook
BeantwoordenVerwijderenEn ikke niettttttttttttt, joeeehoee :P hahaha
VerwijderenSuperleuk lott!! En herkenbaar hahaaa
BeantwoordenVerwijderenEcht weer een goed stuk xxxxx Eva